Eisen huisvesting en weidegang biologisch rundvee
Stallen en weilanden zijn zo ingericht dat de dieren zich zo natuurlijk mogelijk kunnen gedragen. De dieren kunnen altijd naar buiten. Alleen bij te slecht weer, te natte grond of bij ziekte mag u de dieren binnenhouden. U moet overbegrazing voorkomen. Ook moet u zorgen dat de weidegronden niet te drassig worden.
Voor alle biologische stallen gelden algemene eisen:
- Vloeren zijn vlak maar niet glad.
- Er is voldoende daglicht.
- Er is natuurlijke ventilatie.
- 50% Van het vloeroppervlak is dicht.
- Er zijn voldoende schone en droge ligruimtes, die voldoende zijn ingestrooid met strooisel van natuurlijk materiaal.
- Gebruik van gangbaar stro is toegestaan. Als stro ook gebruikt wordt voor ruwvoer, moet al het stro biologisch zijn.
- Dieren worden niet vastgezet. Als het voor de veiligheid van de dieren nodig is, mag u een enkel dier voor een zeer beperkte periode vastzetten.
Huisvesting runderen
Het is belangrijk dat runderen zich natuurlijk kunnen gedragen. Daarom gelden bovenop de algemene eisen voor stallen ook aanvullende eisen voor de huisvesting van rundvee:
- Kalveren die ouder zijn dan 1 week houdt u in groepen.
- Als u stieren ouder dan 1 jaar tijdens het weideseizoen niet weidt, geeft u ze een uitloopmogelijkheid. De uitloop is minimaal 30 m2 per stier en mag voor maximaal 75% overkapt zijn.
- Runderen bindt u niet aan.
Minimum oppervlaktes van de stallen per dier - rundvee
5 m2 per dier en minstens 1 m2 per 100 kg