Huisvesting en houderij
Hertenhouders kunnen biologisch worden gecertificeerd. Skal Biocontrole heeft echter de voorschriften voor certificering nog niet in detail uitgezocht, omdat er tot nog toe zich geen hertenhouder voor certificering heeft aangemeld. Zodra dit gebeurt zal Skal de regels verder naar de Nederlandse praktijk vertalen.
Huisvesting biologische herten
Voor de huisvesting van biologisch gehouden herten gelden specifieke voorschriften. Deze regels zijn vastgelegd in Verordening (EU) 2018/848, Bijlage II, deel II, artikel 1.9.2.2 en artikel 5 van Verordening (EU) 2020/464.
Hieronder leest u de belangrijkste bepalingen.
Schuilplaatsen en omheining
Hertachtigen beschikken over:
schuilplaatsen
beschutte plaatsen
hekken die de dieren geen schade berokkenen
De inrichting van het leefgebied voorkomt letsel en ondersteunt natuurlijk gedrag.
Inrichting buitenruimte
In omheinde ruimten voor gewone hertachtigen is het mogelijk om in modder te rollen. Dit draagt bij aan:
onderhoud van de huid
regulatie van de lichaamstemperatuur
Vloeren en rustruimte
De vloeren van de huisvesting zijn vlak en niet glad.
De huisvesting beschikt over een comfortabele, schone en droge lig- of rustruimte met:
voldoende oppervlakte
een dichte bodem zonder lattenconstructie
ruim voldoende droog strooisel
Het strooisel bestaat uit stro of andere geschikte natuurlijke materialen. Het strooisel kan worden verbeterd met minerale producten die zijn toegelaten als meststof of bodemverbeteraar voor gebruik in de biologische productie op grond van artikel 24 van Verordening (EU) 2018/848.
Voederplaatsen
Voederplaatsen:
zijn beschermd tegen weersinvloeden
zijn toegankelijk voor dieren en verzorgers
bevinden zich op een verharde bodem
zijn voorzien van een afdak
Wanneer dieren niet voortdurend toegang hebben tot diervoeder, is de voederplaats zo ingericht dat alle dieren gelijktijdig kunnen eten.
Zoogperiode
De minimumperiode voor het voeden van te zogen hertachtigen met bij voorkeur moedermelk bedraagt 90 dagen, gerekend vanaf de geboorte.
Bezettingsdichtheid en minimumoppervlakte
Voor buitenruimten gelden, afhankelijk van het type hert, maximale bezettingsdichtheden en minimale oppervlaktes.
Deze eisen zijn vastgelegd in artikel 6 en Bijlage I, deel II van Verordening (EU) 2020/464.
Heeft u vragen over de toepassing van deze voorschriften op uw bedrijf? Dan kunt u op werkdagen contact opnemen met Skal.