Productie tweekleppige weekdieren
Biologische productie van tweekleppige weekdieren, zoals mosselen en oesters, vraagt om duidelijke administratie van herkomst, kweek en scheiding van productie-eenheden. Op deze pagina leest u welke regels gelden voor herkomst van zaad, omschakeling, parallelproductie en kweekmethoden.
Herkomst en uitgangsmateriaal
U mag wild zaad gebruiken van buiten de grenzen van de productie-eenheid.
Toegestaan zijn:
het opvissen van mosselzaad
mosselzaadinvang met mosselzaadinvanginstallaties (MZI’s)
MZI’s zijn alleen toegestaan in aangewezen gebieden. Dit is geregeld in de Waterwetvergunning.
U vist niet meer mosselzaad op dan het quotum dat indirect is toebedeeld door PO Mosselcultuur.
Het vangen van wild zaad:
veroorzaakt geen significante schade aan het milieu
voldoet aan de plaatselijke wetgeving
Het zaad is uitsluitend afkomstig van:
banken die het winterweer waarschijnlijk niet overleven of boventallig zijn ten opzichte van de behoefte
ofcollectoren waarop het schelpdierzaad zich op natuurlijke wijze heeft vastgehecht
U registreert hoe, waar en wanneer het wild zaad is verzameld. Voor het verzamelen van wild zaad is toestemming nodig van de bevoegde autoriteit, zoals de gemeente of een natuurorganisatie.
Omschakelingsperiode
Voor aquacultuurpercelen die overgaan naar biologische productie geldt een omschakelingsperiode van 3 maanden voor:
mosselen
oesters
Tijdens deze periode voldoet de productie al aan de biologische regels, maar het product heeft nog geen bio-status.