Over ons 2015
Over ons 2015

Op weg naar bio: zorg/kinderboerderij De Veldmuis

6 September 2019

Het melkveebedrijf van de familie Velthoven in Eemdijk bestaat al sinds 1930. In 2004 opende zorgboerderij De veldmuis haar deuren en in 2016 de gelijknamige kinderboerderij. Al jaren was er volgens Menno Velthuizen de wens om biologisch te worden. Per 1 januari 2020 kan na een verkorte procedure eindelijk de vlag uit. 

De VeldmuisHet sloop er langzaam in, de wens om biologisch te gaan boeren, vertelt Menno Veldhuizen. In Eemdijk (onderdeel van de gemeente Bunschoten-Spakenburg) runnen hij en zijn broer Evert een melkveebedrijf. Daarnaast runnen hij, zijn vrouw Jolanda en dochter Melenie een zorgboerderij en een kinderboerderij. “Mijn opa en mijn vader waren gangbare boeren, maar op een gegeven moment voelde ik aan alles dat kringlooplandbouw binnen onze bedrijfsvoering gewoon beter past. Biologisch is wel echt anders: je moet tegen een stukje onkruid en wat minder efficiëntie kunnen. Voor ons werkt het. We hebben al een zorgboerderij, we werken al met jongens in de natuur. Daarnaast denk ik dat de consument ook steeds meer die kant op wil.” Bovendien pacht hij al twintig jaar land van Natuurmonumenten. Eerst tien, toen zestien en nu 23 hectare. “Als je daar je koeien laat grazen, is je bedrijf eigenlijk al voor de helft biologisch. We wilden die andere 25 hectare ook omschakelen.”

Melkrobot
Toen ze enkele jaren geleden een bedrijfsplan maakten voor een grote stal waarin zorgboerderij, kinderboerderij en melkveehouderij samenkwamen, hielden ze al rekening met de voorwaarden voor een biologisch certificaat. Hoewel je dat misschien niet direct verwacht op een zorgboerderij met veel hulpboeren, maken ze wel gebruik van een melkrobot. “We proberen op een ouderwetse manier moderne techniek te gebruiken”, legt Menno uit. “Op de melkrobot na, is alles vrij traditioneel. We hebben geen voermengwagen, dat doen onze cliënten. En we hebben al jaren een ontheffing om bovengronds mest uit te rijden. Dat geeft de weidevogels veel meer overlevingskansen, want alleen het spoor van de trekker kan wat nesten vernielen. Als er een beetje stront op het nest komt, kunnen ze gewoon verder broeden. Aan weidevogelbeheer deden we al lang.”

Vlotjes
Eigenlijk was de stap naar biologisch klein. De omschakeling verliep dan ook vlotjes. Het land van Natuurmonumenten werd al natuurlijk beheerd en de rest was vrij gemakkelijk om te schakelen via een verkorte procedure van een half jaar. Ze hadden zich goed voorbereid door met een aantal adviseurs de bedrijfsvoering door te lopen op mogelijke problemen. Die konden ze daardoor voorkomen. De kinderboerderij heeft een eigen bio-certificering nodig, maar ook dat verliep prima.

Gelukkig kunnen ze gewoon bij dezelfde melkfabriek terecht waar ze al jaren zitten. “Een keer in de week maakt die een biologische ronde.” Het streven is 425 duizend liter melk te gaan leveren. “Met gangbaar zitten we op 390 duizend liter, maar we hebben bericht gehad dat we er acht koeien bij mogen houden. In de periode dat we aan het bouwen waren, zijn de regels veranderd. Daarom vallen we onder de knelgevallenregeling en krijgen we meer fosfaatrechten toegewezen.” Als door de overstap naar biologisch de productie terugloopt, kunnen ze dat opvangen door meer koeien te houden. “Door minder productie, gaat je fosfaatnorm naar beneden. Dat is volgens mij de clou.”

En wat vindt zijn vader? Die was in eerste instantie sceptisch. “Maar hij ziet ook wel wat er in Nederland gebeurt, dat Brussel richting kringlooplandbouw stuurt en dat biologisch steeds meer mensen trekt. We staan hier met zijn allen volledig achter.”

 

Nieuws