|
Bij gebruik van dierlijke mest moet u zoveel mogelijk mest van biologische oorsprong gebruiken. Het verplichte deel bio-mest wordt jaarlijks vastgesteld. Daarnaast is aanvullend een beperkt aantal meststoffen en bodemverbeteraars toegelaten voor gebruik in de biologische landbouw. Hieronder valt ook dierlijke mest afkomstig van gangbare bedrijven. Het gebruik van gangbare dierlijke mest is aan strikte voorwaarden gebonden.
Gecomposteerde mest en vloeibare mest mag u alleen gebruiken als het afkomstig is van een extensief, dus niet-intensief bedrijf. Mest van gangbare melkveebedrijven (rundvee, geiten en schapen) valt hieronder. Vloeibare mest moet zijn behandeld, dat wil zeggen gefermenteerd, verdund, belucht of emissie-arm aangewend; De lijst met toegestane meststoffen en bodemverbeteraars vindt u in Bijlage 1 van EU-Verordening 889/2008. In verband met de hoeveelheid stikstof mag u per hectare cultuurgrond een beperkt aantal dieren houden. Het maximaal toegestane aantal dieren komt overeen met een mestproductie van 170 kg N (stikstof) per hectare per jaar. Meer dieren per hectare is alleen toegestaan als u het mestoverschot afzet bij een ander biologisch bedrijf. Wanneer u per hectare minder dieren houdt dan overeenkomt met 170 kg N per hectare kunt u mest aanvoeren om de bemesting aan te vullen tot 170 kg N per hectare uit dierlijke mest. Voor meer specifieke informatie zie Informatieblad biologische veehouderij.
|